Coquilles met cantharellen aardappelcrème

voor 10 personen

Ingrediënten

1 pot coquilles St Jacques, (1 kg)
500 gram cantharellen
250 gram zeekraal
olijfolie
50 gram roomboter
1 kg. aardappel
250 cc melk
125 gram roomboter 

 

  1. Schil de aardappels en snijd ze in gelijke delen.
  2. Spoel de zeekraal en kijk na op ongerechtigheden.
  3. Kijk de cantharellen na en borstel ze schoon. Snijd eventueel op gelijke grootte.
  4. Kook de aardappels gaar, laat uitstomen en pureer ze. Bruin de boter in een pan en warm de melk op. Voeg boter en melk toe aan de puree en maak er een smeuïge crème van. Smaak af met peper en zout,
  5. Laat de coquille uitlekken en dep ze droog. Bak de coquilles kort in hete olijfolie (10 sec. aan beide zijden) en haal ze uit de pan. Laat rusten.
  6. Smelt in een ander pan de boter en voeg de cantharellen toe, laat zacht sudderen.
  7. Haal de cantharellen uit de pan en warm in het resterende vocht de zeekraal op. Gebruik het vocht later als saus.

Serveren:

  1. Leg op een warm bord een toef aardappelcrème.
  2. Dresseer de warme coquilles hier tegenaan. Verdeel de cantharellen hier overheen en garneer als laatste de zeekraal over het geheel.
  3. Sprenkel het kookvocht over de borden.

Gastronomenclub Uden ’83