| voor 10 personen Ingrediënten |
|
| 10 parelhoenfilets beur culinair 4 flesjes frambozenbier (Lambic of geueze) 300 cc. jus, bruine 50 cc. frambozensiroop 10 stronkjes witlof 150 gram boter 100 gram bloem nootmuskaat citroensap 2 bakjes frambozen 1 kg aardappelen, puree 250 cc. volle melk 150 gram boter |
|
- Bestrooi de parelhoenfilets met peper en zout en een weinig bloem.
- Bak ze zachtjes in de beur culinair ca. 20 minuten. Keer regelmatig. Houd daarna afgedekt warm.
- Giet het braadvet uit de pan en blus de pan met het frambozenbier, roer er de bruine jus door en laat inkoken tot een derde. Voeg een vleugje frambozen siroop toe.
- Voeg de parelhoenfilets kort toe aan de saus om de smaak over te nemen. Zeef daarna de saus en smaak af met peper en zout en tot slot met enkele klontjes koude boter.
- Maak de witlof schoon, was deze (halveer eventueel) en laat enige tijd stoven in boter met citroensap. Smaak af met o.a. nootmuskaat.
- Schil de aardappels, snijd ze in grove stukken en kook ze gaar in water met zout. Giet af en kook de aardappels droog.
- Verwarm de melk en de boter.
- Stamp de aardappels fijn en voeg er de opgewarmde melk en boter aan toe tot er een smeuïge puree ontstaat. Druk deze puree extra door een knijper. Breng op smaak met peper en zout en nootmuskaat.
- Snijd de parelhoenfilet in enkele tranches.
Serveren:
- Dresseer op een warm bord een quenelle mousseline-aardappel.
- Leg er de parelhoentranches naast met de saus en een stronkje witlof.
- Garneer met frambozen
Gastronomenclub Uden ’83
