Terrine van Hollandse kaassoorten

image_print
voor 10 personen

Ingrediënten

image_print
300 gram geitenkaas, vers
300 gram roomkaas Monchou, vers
1 bos bladselderij
kerrie
2 theelepels Colmans mosterdpoeder
2 theelepels komijnpoeder (djinten)
10 plakken Boerenstolwijker kaas
10 plakken Texelse schapenkaas
10 plakken Friese nagelkaas
1 bos radijsjes
100 gram boter, balletjes
10 plakken roggebrood
400 cc rode wijn
arrowroot
zonnebloemolie
10 blaadjes bladselderij

 

 

 

  1. Vet de ringen licht in met zonnebloemolie.
  2. Laat alle kazen op ruimtetemperatuur komen.
  3. Hak een deel van de bladselderij fijn (ca. 1 flinke eetlepel) en houd de rest achter als decoratie.
  4. Roer de geitenkaas los en meng met de fijn gehakte bladselderij en ker-rie. Doe ditzelfde met de Monchou en de mosterd en komijnpoeder.
  5. Steek met behulp van een steker uit de plakken van de andere harde ka-zen een cirkel Ø 6 cm die in de ring past.
  6. Zet de ringen op een plateau op bakpapier.
  7. Leg in iedere cirkel 2 cirkels Stolwijker.
  8. Schep hier geitenkaas op en druk aan.
  9. Leg vervolgens 2 cirkels Texeler schapenkaas op de geitenkaas en druk weer aan.
  10. Strijk daarop de Monchou.
  11. Dek dit geheel af met de Friese nagelkaas en druk weer rustig aan.
  12. Zet dit geheel afgedekt met folie ongeveer 45 à 60 minuten in de diep-vries en daarna eventueel nog in de koelkast. Het geheel moet opstijven.
  13. Kook de rode wijn in, tot een stroperige saus. Bind eventueel met arrowroot.

Serveren

  1. Druk op ieder koud bord voorzichtig de terrine uit de ring.
  2. Verdeel de rode wijnsaus als een streep, veeg of druppels er om heen.
  3. Garneer de terrine met een blaadje bladselderij en de radijs.
  4. Serveer met roggebrood en boter.

Gastronomenclub Uden ’83, 22 februari  2011